Op 14 april was het dan zover: Rob en ik naar Brisbane, terwijl de kindjes 10 dagen vertroeteld/verwend zouden worden door oma en opa. Voor mij beloofden het een paar spannende dagen te worden in het Royal Brisbane Womens Hospital, maar eigenlijk keken wij tweeen vooral uit naar de zevendaagse terugtocht in ons campervanneke langs de Oostkust van Brisbane naar Townsville. Een paar dagen zonder kindjes, dat was al jaaaren geleden, en nu was het zelfs voor hun eigen goed!
Eerst moest ik dus een niet nader gespecifieerd aantal dagen ( tussen 2 en 5) in opperst isolement doorbrengen in de "radio isotope suite", mooie naam voor een ordinaire ziekenhuiskamer waar je vooral niet uit mocht. Er werden wat testjes gedaan, waarna ik mijn eega vaarwel mocht zeggen en ik mij "mocht installeren". Daarna kwam een verpleegster mij uitleggen wat er nu eigenlijk zou gebeuren. De nevenwerkingen van radioactief jood zouden meevallen: hoogstens wat lichte misselijkheid en vermoeidheid, zelden gezwollen hals en speekselklieren, maar het kon ook helemaal niets zijn. Maar wat je vooral niet mag onderschatten, voegde ze er samenzweerderig aan toe, was ... significante stilte ... de eenzaamheid. Ze had nog net mijn polleke niet vastgepakt.
Wel frappant dat ze tegen die zoo geduchte eenzaamheid maar 2 remedies aanboden: telefoon (waarvoor je wel op voorhand een heel exotische betaalkaart moest gekocht hebben, NIET verkrijgbaar in het ziekenhuis) en TV (ook tegen forse betaling cash, ah nee, dat kan niet op de rekening)... Die dingen zijn verdomme standaard in een gewone ziekenhuiskamer, maar soit, ik deed niet moeilijk, ik was namelijk de enige van ons vier pineuten die het op voorhand wist en dus wat had kunnen regelen.
Zeer terloops werd ook gemeld dat er een camera in de suite hangt, zodat de verpleging kan zien hoe het met je gaat, ha jaa, want ze mogen niet binnenkomen. In uwe bloten dus alleen maar in de badkamer, grinnikte ze.
Dan kwam de oncoloog een trolley in mijn suite binnenrijden met een metalen doosje erop. "Roomservice", grapte hij, maar het was wel een geweldige schat trouwens. Zonder te bibberen opende hij het doosje, haalde er een nog kleiner metalen buisje uit met een pincet, wipte met een ander pincetje het dopje eraf en kiepte...
een onnozel geel capsuleke in een beker. Was dat het nou? Ik voelde mij een beetje beetgenomen. Hij bleef op een afstandje staan wachten tot ik de daad voltrok. Allez dan maar: zwelg.
En we waren vertrokken. Een goeie achtenveertig uur 3-5 liter water per dag drinken, The biggest loser kijken, kauwgum kauwen, uwe plas 2 keer doorspoelen, Oprah kijken (featuring oa een blauwe man, gene zever!), 3 keer douchen per dag, Dr Phil kijken, drie meter bij de deur vandaan gaan als de verpleger je maaltijd brengt, eten uit wegwerpborden met plastieken vorkskes, boekje lezen en hopen dat je het weer mee naar buiten mag nemen na afloop... met maar 1 doel: onder de aanvaardbare radioactiviteitsgrens duiken tegen de woensdag en hier weg! En hoewel de tijd vloog verveelde ik me stierlijk. Ik had ineens heel erg te doen met Paris Hilton die drie weken in het gevang had gezeten. Arme meid.
En ik, Robert, terwijl dat vrouw lief afziet in isolatie... olleee!!
Het waren rustige daagjes wild kamperen met Harry Potter (laatste boek nog maar een derde keer lezen), bescheiden ontbijtjes met uitzicht, Duiken naar de HMS Brisbane (dat zich snel aan het ontwikkelen is tot een tweede Yongala (nog maar drie jaar geleden gezonken)), maar vooral wat niet mag ontbreken aan de sunshine coast: surfen! en deze smalgeschouderde half kale beach boy heeft toch wel een paar hele golven uitgesurfd.. da's bijna meer dan 20 seconden!!
terug naar Greet
Op D-day kwam dan een mannetje met een geigerteller of hoe heet zoiets mij opmeten: ik zat lekker laag met mijn waarden en mocht eruit! Dan ging hij mijn kamer af om mijn spullen te checken op radio-activiteit: alles mocht weer mee. Dan naar de whole body scan om te kijken of er ergens anders in mijn lijf nog iets niet pluis was. Het duurde me wat lang: ze wilden nog wat extra beelden si en vergrotingen la en daar lag ik dan te denken dat er iets fout was natuurlijk. Na een uur werd me dan door een ernstige jonge dokter met een bezorgde blik verteld dat ik naar mijn "suite" mocht om te wachten op de uitslag. Daar stond mijn laatste plastieken maaltijd op me te wachten en vaneigens kon ik geen hap door mijn keel krijgen. Kwam goed uit trouwens want het was toch niet te vreten.
En toen belde Robert dat ie in aantocht was met zijn campervan om mij in vol ornaat af te halen. Twee minuten later belde hij weer om te zeggen dat hij zich met de campervan vast had gereden in de ondergrondse parking van het ziekenhuis. Ze hadden de banden moeten laten leeglopen om hem eronderuit te krijgen en er was behoorlijk veel schade aan het dak. Miljaar.
Maar eigenlijk kon me dat geen moer schelen. Een mens kan maar ene keer zware pech hebben per dag hee, en dit was dus die van mij! Jiiihaaa! Nu zou de scan zeker goed zijn...
En dat was ie ook, en wij op weg, met vers opgepompte banden en al bij al wat krassen op het dak en een brok van het voorste ventilatiekapje, maar niets kon de pret drukken! O ja, behalve dan dat ik niet binnen een afstand van 2 meter van de Robert mocht zitten, en dat zo'n campervan natuurlijk geen 2 meter breed is... Dan hing ik maar wat uit het raam te wapperen, o zaligheid, terwijl we langs het onwaarschijnlijk prachtige Moreton Bay naar het noorden reden. Op weg naar het hemelse Noosa.
De Platonische liefde heruitgevonden, schooooooooon...
Maar zalig dat Noosa was. Twee nachten zijn we er gebleven maar voor mijn part gaan we er wonen ( bij voorkeur in een van die poepsjieke huizen aan het water met een eigen steiger voor je jacht, zegt de Robeir). Dat hij het maar begint te regelen!

Dan verder via Rainbow Beach naar Fraser Island. Fraser Island is een 120 km lang zandeiland aan de centrale oostkust van Queensland, met idyllische stranden en baaitjes, meer dan 20 prachtige meren, scheepswrakken, en een schitterend breed strand aan de oostkust dat dienst doet als autosnelweg/landingsbaan. De oostkust oogt wel mooi, maar gevaarlijke branding, stroming en zwermen hongerige haaien houden je tegen om er een lekker zwemmetje te doen.
Robert had een 2daagse tour geboekt, en ik kreeg al visioenen van een volle bus met allemaal zwangere vrouwen en kinderen, waartussen ik dan radio-actief zou zitten wezen. Had al besloten dat ik niet meeging als dat het geval was, dus wel effe spannend. Maar het bleek ideaal: nog geen halve bus vol, en zo goed als allemaal Duitsers ;-) (nvdR: zetsen sie sich neben mein stralende weib, bitte!) Wij lekker vanachter de twee laatste rijen/13 stoelen bezet, zelfs Rob veilig 3 meter bij mij vandaan.
Die 4WD bussen zijn trouwens fantastisch: speeden aan 85 km/h over het strand van Fraser, daarbij makkelijk elke andere 4x4 achter zich latend. Onze chauffeur en gids, de Cameron, was een typische Queenslander, die heel veel uitleg gaf en vaak volkomen irrelevante maar grappige anekdotes vertelde. Spijtig voor de duitsers sprak hij zo'n Aussie slang dat zij hem amper verstonden.
De tour zelf was schitterend: je werd naar de mooiste plekjes gebracht zonder het risico te lopen jezelf in het zand vast te rijden, en alle maaltijden, koffiepauzes en overnachtingen waren inbegrepen en voor je geregeld. Aan ons alleen om onze zwembroek (check!), onze camera (check, met bijna platte batterij, way to go rob en grel) en onze regencape (check!) mee te nemen. Want jup, het was wel slecht weer zeker? Maar de zon ging vaak toch op het juiste moment schijnen, en de onheilspellende zwarte lucht met regenboog was ook wel fotogeniek.
Klein nadeel van zo'n tour is dat je elk plekje paradijs moet delen met 14 duitsers natuurlijk, maar het was wel een tof bendeke. Hoogtepunten waren Lake Wabby en Lake MacKenzie, hmmm, zie idyllische foto's. Een duin duwt tegen het tropisch regenwoud en in het dal vormt zich een meertje:
Lake MacKenzie heeft een bodem kom van min of meer ondoordringbaar steen en vult zich met helder zand en water.: idyllisch, geen ander woord.
De volgende dag reden we van Hervey Bay over een klein plaatsje waar we een strandontbijtje hebben gepleegd, via Bundaberg (Bundy), waar we een marktje aandeden en vooral geen Bundaberg Rum hebben gedronken, door naar The Town of 1770. Zo heet het plaatsje echt, genoemd naar 4 mei 1770, toen Captain Cook daar voor het eerst in Queensland voet aan land zette. Klein romantisch dorpje met schitterend uitzicht over de zee, geen echt zandstrand maar mooie mangroves die af en toe een zeilbootje aan het zicht onttrekken. Het zusterstadje 5 km verderop heet Agnes Waters, en heeft wel een eindeloos zandstrand, met machtige surf waar gelukkig maar weinig toeristen weet van hebben. Samen met een paar die hard surfers hadden we het strand en surf voor ons alleen. En zat er drie dagen later nog zand in ons g... Time for a beer!
Enfin, wel lekker eten in Rocky, Beef-capital van Queensland... en dat ruik je als je het stadje binnenrijdt. Ik slaagde er uiteraard in een seafood curry te bestellen, tot jolijt van carnivoor Robeir, maar hey, ik had wel al drie weken gene vis of seafood mogen aanraken he, wegens te veel jodium, en nu zag ik mijn kans schoon.
Bij de intrede in Rocky staan 2 reuzegrote stieren langs de weg, die blijkbaar om het jaar een nieuw stel ballen wordt aangemeten, want de lokale jeugd (die zich begrijpelijkerwijs stierlijk verveelt) durft uit baldadigheid de stieren hun kloten wel eens afslaan en als soevenier bewaren. Moet daar echt niets te beleven vallen, zeg.
Vanuit Rocky was het verder kilometervreten naar Mackay, maar niet voordat we de Capricorn caves ( kalksteengrotten) bezocht hebben, die niet bijster de moeite waren, om het beleefd uit te drukken. Een 16 jarig wicht (aka onze "gids") putte zich tijdens een uur durende rondleiding uit in mopjes en vooral waarschuwingen tegen uitstekende rotsen ("headache rock"), duisternis als het licht uitging, claustrofobische verschijnselen en wiegende hangbruggen (10 minuten uitleg dat niet iedereen het leuk vind om te wiebelen boven een afgrond). Het enige matig charmante was dat de centrale diepgelegen grot een heuse ingewijde kerk is waar regelmatig huwelijken worden voltrokken, met een ingebouwde CD-speler waar ze Enya door liet galmen bij wijze van sfeerscheppend moment. We pinkten nog net geen traan weg.... allez, been there, done that. En eens per jaar met de zon in het zenith schijnt er een zonnestraal door een verticaal gat in het plafond.
Ten westen van Mackay ligt dan Eungella national Park, een heerlijk heuvelachtig gebied met regenwoud, waar je zeer fijne wandelingen kan doen langs schitterende kreekjes en rivieren waar zich platypussen (platypi?) ophouden. Zalig langs 1 zo'n kreekje gekampeerd en er uiteraard een frisse duik in genomen. De platypi zijn wel "een beetje schuw"... anderhalve dag verdomme geen beest gezien (alleen schildpadden), tot we de moed bijna opgaven.
Vlak voor ons vertrek, speciaal uitgesteld to na drie uur 's middags (beste tijd om ze te zien) staarden we ons nog maar eens leeg op een of ander bochtje in de rivier waar ze dagelijks te zien zijn, behalve dus vandaag. Totdat een meisje vertelde dat ze twintig meter verderop aan het spelen waren. Wij daarheen en ja hoor, daar was er eentje rond aan het zwemmen. Wijle content! Wat een mens allemaal niet doet om een onnozel beest live te zien ... fotooooo!
Dan naar Mackay voor onze laatste overnachting en een heuse romantische wandeling langs het jachthaventje, helemaal arm in arm en zo. Ik wist gelijk waar ik ze kon steken, mijn platonische liefde :))))
Woensdag op huis aan en hereniging met de kindjes, en de oma en opa natuurlijk, die toch wel content waren ons te zien! Oma en opa verdienden ook wel een verzetje, dus we zijn met hen nog naar Cairns gereden, een immer frustrerende rit van 350km alwaar je hier dik 5 uur over doet.
Cairns was zalig, as usual, mijn ouders de hort op zonder kleinkids (ze nog nooit zo snel zien verdwijnen!) en wij blij de kindjes terug te hebben natuurlijk.
Dan terug via Mission Beach, waar we ook al vijf keer waren geweest, maar nog nooit het leukste North Mission Beach hadden gedaan, moeten altijd verkeerd gereden zijn zeker? Geweldig leuke plek met winkeltjes en restaurantjes, en wij maar denken dat daar geen hol te beleven viel. Mensen skydiven uit de hemel en landen met een brede glimlach (en volle broek?) op het strand... zucht. Volgende keer waag ik ook een sprongetje.
En nu dus weer aan het werk. Niet te veel woorden aan vuilmaken. Maar wel leuk om terug in een soort routine te zitten, al was het maar voor de ventjes.
Hopelijk gaat het iedereen thuis voor de wind, met de lente/zomer in aantocht kan het niet stuk zeker? Krijgen jullie ook eens 18 graden! woehaha.
Groetjes uit the Ville!
Robert en Greet,
ReplyDeleteWeeral prachtige foto's en mooi geschreven verhalen.
We hebben er weer enorm van genoten. Wat is mijn metekind toch een schatje (op de foto toch). Noosa ziet er inderdaad prachtig uit. Misschien een toekomstig vakantieverblijf? Ha,ha, jullie hebben zowiso constant een vakantieverblijf! vele groetjes van Lore en Kurt.
Mooi geschreven, maar mocht je eens in NL zijn en je overweegt na een aantal jaren weer een bodyscan? Kom dan eens langs bij www.privatescan.nl . Goedkoper en met onschadelijk en betere apparatuur. Veel gezondheid gewenst!
ReplyDelete