't Werd weer eens hoog tijd om een nieuw stuk Australie te verkennen. Hier begint de zomer in al haar onbarmhartigheid toe te slaan, dus we moesten er niet lang over nadenken: ergens waar het lekker fris is ... Tasmanie!
Net geen half miljoen mensen woont daar, in een gebied ter grootte van de Benelux. Wa ne lux!
Pakweg de helft is natuurpark en het klimaat bestaat uit al die dingen die we allang niet meer gewoon zijn: koud en regen en zo...
Voor de gelegenheid kreeg Wouter een zak kleren te leen van Kim, onze dagmoeder, inclusief compleet skipak.
Uiteindelijk best veel bezienswaardigheden in die acht dagen gepropt, en er enorm van genoten.
Geland in Hobart (de hoofdstad) en kennis gemaakt met de Salamanca markets, met allerlei lekkers, kleren, juwelen, arts en crafts. Heel gezellig allemaal. Zijn daar de vakantie gestart met een German bratwurst (hoe komen we erbij?) en een Cascade van 't vat (het bier van Zuid-Tasmanie), terwijl grandma en Sam een milkshake deelden.
Daarna gaan eten bij een kennis van Rob in Hobart, heel gezellig. Wouter kon het heel goed vinden met hun zoontje en de hond Nemo, Sam snapte het allemaal niet zo goed: "Nemo a doggy?"
Die zondag naar Port Arthur geweest, de vroegere gevangenenkolonie waar stoute Britten (lees "nieuwe australiers") heen werden getransporteerd en hun tijd moesten doen onder erbarmelijke omstandigheden en vaak voor belachelijke akkefietjes.
Een van de belangrijkste toeristische bezienswaardigheden van Tas. Recenter in 1996 heeft daar een halve gare 35 mensen neergemaaid met een machinegeweer in volle toeristenseizoen, waarna vuurwapens bij wet verboden werden in Oz ( niets te vroeg, de kiekens). Prachtige omgeving hoor, mooi en "toch duister en triestig tegelijk" volgens de brochure. Niks van gemerkt: lekker zonneke, mooi uitzicht, wat wil een mens meer? Je kon daar drie dagen rondhangen en nachtelijke ghost-tours doen en zo, maar na drie uur hadden we het wel gezien vonden we. Onderweg erheen ook de imposante rotsachtige kustlijn bezocht en zalig gepicknickt bij een van de baaitjes.
Schelpjes en krabbetjes kijken aan het water, vingertjes en teentjes nat, dat soort vertier. Lekker restaurantje gepakt op de terugweg, en het moet gezegd: ze stoefen nogal met de Tasmaanse keuken, en we kwamen over het algemeen genomen niet bedrogen uit. Een paradijs in vergelijking met de Queenslandse "cuisine"!
De maandagochtend lekker rondhangen en plantjes kijken ruiken voelen in de Botanical Gardens van Hobart, en dan op weg naar Freycinet national park. Een uurtje buiten Hobart een tussenstop gemaakt (ha ja, tegen 't flebiet hee, er waren grootouders mee) in Richmond, een "historisch" stadje, allez, 150 jaar oud. Best schattig toch. Ouwe gebouwen vielen er niet te bespeuren natuurlijk, maar eendjes langs de kant van de rivier des te meer. En hadden we toch wel veeeeeeel brood mee zeker?
In Freycinet National Park in prachtig weer heerlijke wandelingen gemaakt oa naar de beroemde Wineglass Bay, kindjes en grootouders op het strand achterlatend. Machtig schone uitzichten en de Robeir durfde het zelfs aan om in het ijskoude water (ik blij dat ik mijn zwembroek was vergeten) te gaan zwemmen (nou jaa, een volle minuut). Dapper hoor!
De volgende dag - mijn verjaardag - wakker geworden in een piepend stapelbed in een stacaravanneke (yup, de hele vakantie was low-key, alles netjes op voorhand geboekt door mijnen echtgenoot), en zie ne keer: het regende! Niet voor lang gelukkig, dus nog wat mooie wandelingen gemaakt in het nationaal park, en uren als een klein kind schelpjes geraapt op het strand. Het was dan ook MIJN dag en IK mocht doen wat ik wou, toch? Toen het de anderen begon te vervelen gingen we dan maar op weg naar Saint-Helens, een vissersstadje aan de oostkust. Aldaar was in een eenzaam baaitje volgens de lonely planet een geweldig restaurant, dus Rob en ik daarheen voor romantisch oesterslurpen en champagne drinken. (De oesters als voorgerecht en na het dessert, hahaaa leve de luxe) Miljaaar, daar denk ik nog jaaaren aan terug. Verrukkelijk! Waar is den tijd dat wij in Belgie oesters maar een snotterige slok zeewater vonden... We zijn volledig bekeerd!
De woensdag dan naar Launceston,
Donderdag en vrijdag was het dan tijd voor Cradle Mountain en Lake St-Clair National Park. Men had al gewaarschuwd dat het op Cradle Mountain altijd regent en dat 't er nog eens kouder is dan de rest van Tasmanie.
Niet gelogen, 't was koud, maar toen wij gingen wandelen hield het net op met regenen en dat konden we wel waarderen! Dat het zo mistig was dat we vanaf de rand van het meer het meer niet konden zien, kon de pret niet drukken. Onze stoere Wouter heeft de 6 kilometer wandeling rond Lake Dove helemaal uitgelopen (dubbel, aangezien hij constant heen en weer rende). Prachtige uitzichten (eens de mist was opgetrokken) en een heel gezellige wandeling. Op de terugweg een koppeltje wombats tegen gekomen langs de rand van de weg. Zagen er ontzettend knuffelbaar uit, maar we hebben er ons toch niet aan gewaagd.
De volgende dag naar de zuidkant van Cradle mountain via de westkust, die er door kopermijn-activiteiten (zure zwavelregen) een beetje post-hiroshima uitziet. En wederom prachtige uitzichten langs Lake St Clair. En Rob zijn moeder doodblij eindelijk eens een possum te zien. Tja, in de wilde natuur moet je ze niet gaan zoeken, je vindt ze makkelijkst rond de vuilnisbakken op campings... ALs we dat eerder hadden geweten...
Op de terugweg naar Hobart nog een wandeling gedaan in Mount Field National Park: veel watervallen en dat prachtige groen dat je alleen maar in regenwouden vindt. En toen zagen we een platypus voorbijzwemmen! Zomaar! Daar moesten wij dan in april uuuuren voor op de loer liggen (nou jaa), en dendezen kwam ongevraagd efkes langs. En niet eens willen poseren voor een foto. 't Is niet eerlijk!
Om de Tasmaanse fauna compleet te krijgen zijn we tot slot naar een animal rescue park gegaan om de Tasmanian devils te bewonderen (god, wat zijn die lelijk - en ook wel snoezig tegelijk). Die beesten zijn naar het schijnt zo goed als uitgestorven in het wild, een of ander zeer besmettelijk mondgezwel doet ze tegenwoordig vallen bij bosjes.
En daarna Mount Wellington beklommen (met de auto - haa!). Prachtig zicht over Hobart en omgeving. Genoooooten!
En dat was het al weer. Veel te kort vaneigens, maar wie weet nog een keertje terug...
Veel liefs,
Greet en co
beste wensen voor 2009! Griet, Steven en Jules
ReplyDelete