hoog tijd om eens verslag te doen van onze avonturen nadat we jullie in la douce Belgique schreiend achterlieten...
Allereerst was het voor ons een geweldig weerzien met jullie allemaal! Ongelooflijk genoten van jullie gezelschap, een palmke op een terrasje, mosselen, een wandeling door Brugge, het blokrijden op de E40, shoppen, huizen helpen verbouwen (nou jaa), pasgeboren Belgjes leren kennen, Gent, de pralinen van Leonidas, weekendje op de boerebuiten, ouders die om het meest op de kindjes willen passen, doopvieringen in 't westvloms, ...
Eens goed beseft wat we hier in Ozzieland allemaal moeten missen. Zelfs de Belgische zomer kon de pret niet drukken. De Franse zomer viel ook enigszins tegen in die fantastische week met de meiden in de Ardeche, maar al had het stront gehageld, dan nog was het de max geweest, denk ik. Alleen jammer dat Nathalie en Koert (for old times sake) er niet bij waren ;-)
Maar aan alle schone dingen komt een eind, en zo vertrokken we op 12 september weer naar hier, met een tussenstopje van 6 dagen in Hong Kong.
De vlucht van Parijs naar Hong Kong viel goed mee, want we hadden online ingechecked en dus een babybedje tot onze beschikking: yes! Meer baby-eten dan Sam opkon en een vermoeide Wouter die een ferme dut deed. Een goeie start dus.
Eenmaal daar aangekomen was het plots 7 uur 's morgens ipv 1 uur 's nachts en wij hadden natuurlijk NIET geslapen op de vlieger, zoals dat gaat. Dus een lekker luie dag in het hotel, waarna we tegen valavond toch maar eens Kow Loon gingen verkennen.
Veel chinezen! Je moet weten dat het grondgebied Hong Kong zo'n 1100 km2 beslaat, maar het merendeel van de 7 miljoen inwoners woont in de stad, op een oppervlakte van 25km2. Ge kunt gaan peinzen wat een volk! Gelukkig zijn het allemaal magere kleine menskes, in schril contrast met de vetzakken in Australie.
Het is een overweldigende stad in alle opzichten: onmogelijk veel volk, op elk moment van de dag, op elk hoekje en in elk straatje. Na de werkuren is er een continue stroom van mensen waarin je in de ene of andere richting wordt meegezogen, en kan je maar beter je kinderen stevig bij de hand houden. Toch heb je op geen enkel moment een gevoel van onveiligheid: iedereen is voorkomend, beleefd en behulpzaam, en ze waren zonder uitzondering allemaal zot van Sam, die met zijn grote blauwe ogen lachend op mijn buik hing te bengelen. Er is daar ook niet zoiets als eenzame donkere straatjes: gewoon teveel volk! Ze zouden er waarschijnlijk massaal op afkomen! De openbare plaatsen zijn er geweldig netjes onderhouden en goed georganiseerd: en maar goed ook. Het is bijvoorbeeld verboden te spuwen op de grond, en ook voor duiven voeren ("waardoor vuiligheid op de openbare weg komt") kan je een boete krijgen. De metro's zijn heel ruim en bijna een half luchthavengebouw met winkeltjes enzovoort. De meeste MTR-stations zijn dan ook onder een groot shoppingcenter gelegen. Van shopping gesproken: niet te schatten hoeveel reusachtige winkelcentra ze daar hebben, tot 10 verdiepingen hoog, met de sjiekste designer- en merkkledij op zowat elke straathoek. Een waar winkelparadijs! De winkels gaan maar open rond een uur of tien -elf in de ochtend, maar blijven vrolijk open tot negen-elf uur 's avonds. En de prijzen zijn gemiddeld toch een kwart tot een derde lager dan in Europa, dus nie mis. Hebben er ons dan ook laten gaan aan een high tech camcorderke met de nieuwste snufjes, ook al omdat we onze kodak niet meer konden vinden en we toch iets moesten hebben om kiekjes mee te schieten niewaar? Lekker veel videos van de kids gemaakt voor de grootouders, benieuwd of we die langs deze weg kunnen doorsturen...
Hong Kong is eigenlijk opgesplitst in 4 grote delen: Het vasteland dat aan China grenst, Kow Loon, Hong Kong Island en de Outlying Islands (124 of zo eilandjes waarvan Lan Tau de grootste is). Ons hotel lag in Kow Loon, dicht aan het water, met een fantastisch zicht op de skyline van Hong Kong Island met al zijn extreme hoogbouw. Het gemiddelde appartementsgebouw heeft 24 tot 40 verdiepingen, sommige banken of andere bedrijven hebben er in de 70! Niet te doen. Grond is daar uiteraard onschatbaar duur, en voor een sneu appartementje van 50 m2 met 2 piepkleine slaapkamers en uitzicht op de keuken van de buren in het gebouw naast je, tel je al snel een fortuin neer waar je in Belgie een villa mee zet. Amy Tang, een (redelijk gegoede) vriendin van ons die daar nu een jaar werkt, vond geen betaalbare woonst en besloot dan maar voor een jaartje terug bij ma en pa te gaan wonen: zitten ze met zijn drieen als sardientjes in een blik. Haar slaapkamer heeft een eenpersoonsbed van 70 cm (!)breed, een bureautje waar 1 boek kan openliggen en een kast(je). Als ze samen met ma en pa TV kijkt, en ze moet naar de WC, dan moeten ma en pa rechtstaan uit de zetel om haar door te laten...hmmm. Geen wonder dat ze volgend jaar terugkomt naar het weidse Australie!
Om die reden was ook ons hotel schan-da-lig duur, maar wat kan je doen? En we hadden wel een schitterend uitzicht over de haven.
Om de kindjes wat bezig te houden en wat speelgelegenheid te geven, hebben we natuurlijk alle parken van de hele stad afgeschuimd. Als je het parken kunt noemen... Het Kow Loon park was nog OK: groot en divers, met een speelplein, een zwembad, een "sculpture-walk", een aviary en een chinese tuin met brugjes over een vijver vol schildpadden en mooie vissen, maar wat het meest opviel waren de brede lanen in het park, allemaal van ... beton.
Het Victoria Park in Causeway Bay was ronduit niet te geloven: wat betonnen paadjes omzoomd door een minimum aan bomen, een joggingpad -eveneens van beton- waar er zelfs verkeersregels waren (!): Je mocht er maar langs bepaalde "toevalswegen" op, waarna je maar in 1 richting mocht lopen, en de traagste moesten uiterst links houden zodat ze konden voorbijgestoken worden. Als je toch moest stoppen, werd van je verwacht dat je zo snel mogelijk het pad verliet om niemand te storen. Dit alles stond op grote spandoeken om de 100 meter aangekondigd in chinees en engels. Ik vraag mij af of je een boete krijgt als je in de verkeerde richting loopt... Toen ontwaarden we ergens in het midden een grote open ruimte waar vandaan wat muziek kwam en we dachten: jippie, dus daar is het grasplein met de bankjes! Mooi niet: gigantische open betonnen ruimte met basket- en voetbal- en andere strepen op geschilderd. Hebben ze eens wat plaats voor natuur, storten ze het vol beton!
De eerste avond wat verloren gelopen door een wirwar van nauwe straatjes en een kluwen van mensen, op zoek naar het enige van tel: een "goeie chinees" vinden om te gaan eten! Miljaar, na tien straatjes volgeplant met het ene restaurantje al kleiner dan het andere, kozen we er eentje ... waar nog iemand met een buggy en ne kleinen zat. Ons nieuw criterium voor de betere keuken! Daar bestelden we iets vaags van de slecht vertaalde engelse menukaart wat uiteindelijk een wonton noedelsoep bleek. Nothing we couldn't handle! En toch: hoe eet je noedelsoep met stokjes? want die dingen glibberen er zo tussenuit hee. Gevolg: noedels op tafel en soep op mijn kleren. Robert had het zien aankomen en had rijst besteld, de culinaire avonturier. De volgende avond wat sjieker gaan eten in een restaurant met een volledig goudkleurig interieur, tegen alle verwachtingen in niet eens zo kitscherig, en best gezellig. Het dienstertje kon ons dan weer niet vertellen wat de juiste volgorde en manier van eten was, want ze verstond amper engels, dus we bleven de vlaamse boer uithangen.
Rond een uur of acht 's avonds is er dan elke dag een soort klank-en-lichtshow vanop de grootste gebouwen rondom de haven. Hoewel het op redelijk mottige muziek was, was het best spectaculair om zien. De zaterdag hadden we dan een dagje afgesproken met Amy Tang, die lieve collega van vorig jaar die nu terug een jaar in Hong Kong zit. Het was een loeihete, broeierige dag. We spraken af in Pacific Place, een poepsjiek (airconditioned) winkelcentrum in het centrale wijk van Hong Kong Island, toepasselijk "Central" genoemd. Spijtig genoeg hadden we al plannen voor de dag, anders kon ik me daar gerust een dagje of twee bezighouden! We hebben er wel geluncht in een Yum Cha (of Dim Sim) restaurant op de bovenverdieping: heerlijke chinese hapjes en loempiakes en dimsummekes en nog van dat lekkers. Eindelijk uitleg gekregen over het hoe en wanneer en met welke stokjes of lepel van iemand die het kan weten.
Daarna ging het dus richting Hong Kong park (zweterige tussenstop bij het speelplein) en dan naar de Peak (Victoria Peak op Hong Kong Island, als ik me niet vergis de hoogste piek daar met zo'n 900 m hoog).
Op de Peak geraak je het best met het fameuze trammetje dat zo'n 45 graden schuin omhoog getrokken wordt. Je laat beter geen kleingeld of andere dingen vallen, want het vliegt geheid naar achter! Best scary om zo de wolkenkrabbers schuin te zien passeren, lijkt net alsof ZIJ scheefstaan! Bovenop ben je verondersteld een heel mooi uitzicht te hebben op het eiland, de haven en de omgeving, behalve als de smog te dik is natuurlijk, en dat was toen wel het geval. Jammer, maar het was niet anders.
Dit zijn eieren die ze insmeren met een mengeling van limoen, zout, klei en as, en dat geheel onder de grond stoppen voor gemiddeld honderd (yuch!) dagen. Daarna kan je ze weer opdiepen en pellen: het eiwit is dan een cola-achtig doorzichtig bruin, de dooier is zwart geworden. Yum! Merkwaardig lekker, maar wel met de ogen dicht te eten! Wouter charmeerde intussen (weeral) het personeel die aanschoof om met hem op de foto te mogen. De thee die je gratis bij je eten te drinken krijgt is zachte chinese jasmijnthee, dus wij voor vertrek een paar pakken daarvan gekocht, wegens heerlijk!De volgende dag zijn we dan naar Lan Tao eiland gevaren met de boot, alwaar het grootste buddhabeeld ter wereld staat te pronken op een heuvel. Wreed spectaculair, maar dat is voor de volgende keer!
Prachtig! Eindelijk kunnen we jullie wat meer volgen. Hopelijk doen we binnenkort nog eens een tripje samen!
ReplyDeletegroetjes vanuit Melbourne, de Deckertjes