Ravenswood ligt zo'n 100 km ten westen van Townsville, een 40km van de hoofdweg naar Charters Towers af, en is een outbackgat, zeg maar.
Dat is niet altijd zo geweest, o nee. In de tijd van de goldrush was het een "thriving settlement", zoals dat heet, wat zoveel betekent als een outbackgat met wat volk.
Zo staat bij binnenkomst in het dorp naast de weg een schattig gebouwtje, het best te vergelijken met een leuke bushalte, en warempel, ooit was het Ravenswood Railwaystation (bijna goed!). Nu herbergt het hokje hooguit een informatiedisplay en kaders met vergeelde foto's die herinneren aan de gloriedagen. Best leuke foto's eigenlijk, en vooral het kader met "Ravenswood festival, may each year" kon ons bekoren. Daarin foto's met allerlei activiteiten van rodeo tot een soort gummilaarzenrace. De activiteit hiernaast (of is het een wedstrijd?) willen we volgend jaar eens met eigen ogen gaan bekijken, we rijden er graag 100 km voor om. Wat zou er te winnen vallen? Een paar handschoenen?
Een van de andere activiteiten die aangeprezen werden op de display was "meet the locals". Hmm, oke dan, richting cafe zeker, zal wel zo moeilijk niet te vinden zijn...
Op zoek naar 't cafe kwamen we nog een oude goudmijn site tegen, met wat half-rechtopstaande schoorstenen, verroeste machinerie uit de goeien tijd en hier en daar een vervallen mijnwerkershuisje uit de jaren 1870, historie met grote H.
Er was zelfs een souvenirwinkeltje die ook heerlijke ouwe rommel tentoonstelde zoals Women's day's uit de jaren vijftig (den Dag Allemaal van Australie) toen Queen Elizabeth haar 2e zoon aan de natie voorstelde. Ouwe driewielers en een heel antiek schommelpaard, waar Wouter een ritje op mocht doen, en wij maar ons hart vasthouden dat het ding niet zou instorten...
En toen Het Imperial Hotel = pub = restaurant. Let wel, er was nog een andere pub ook hoor, dit is - after all - een thriving settlement geweest. Er was best wel wat volk (lees toch wel 20 man) en het terras voor de deur zat vol, dus wij naar binnen aan den toog gaan zitten (Sammeke op den toog). John, de eigenaar, was wel te vinden voor een klapke, en er werd wat heen en weer verteld over de (klein)kinderen, altijd een dankbaar onderwerp. Een zatte stamgast kwam zich er ook mee bemoeien, en vond dat we met zijn vieren eens achter den toog bij John moesten plaatsnemen, en de kinderen moesten dan maar doen of ze een pint tapten. Het zou een foto worden om nooit te vergeten, zo beloofde hij. John sloeg zijn ogen ten hemel, onzen habituee lapte het hem blijkbaar elke zondag, maar hij poseerde vrolijk mee. Onze fotograaf was te zat om rechte foto's te trekken, zo bleek, want we staan er maar half op, maar wel goed gelachen. Let ook op zijne maat, die met zijn ...euh...rug naar ons toe zit.

Na een pint achterover geslagen te hebben, trokken we verder naar de 80 km verder gelegen Burdekin Falls Dam, een stuwmeer op de Burdekin River. Hier was helemaal niets, behalve wat tafeltjes om te picknicken en een kleine camping. Wel overweldigens schone natuur, zeker na het stoffige Ravenswood. Lekker onze bokes opgegeten en intussen de vliegen van ons afgeslaan. Er was een viertal mensen met hun boot aan het wakeboarden (dit blijft Australie!), en twee deden trucs met hun jetski, en dan was er ons. Verder in een straal van 40 km geen mens te bespeuren.
En verder was er nog een geologisch buitengewone rotsformatie van witte quartz in de buurt, "zeer uitzonderlijk gezien zijn afmetingen", maar onwaarschijnlijk hoe weinig boeiend een stoeme witte rots kan zijn. Toch slaagden ze erin er ettelijke pijlen naartoe te zetten en een heus... informatiebord erbij te poten. Footooo!
Dawast, een zondag wel besteed. Het Townsvilse hinterland heeft voor ons weer een aantal geheimen minder...
Groeten,
de Teuntjes
No comments:
Post a Comment
laat weten wat je vindt van deze blog en onze berichten! Het is ongetwijfeld voor verbetering vatbaar...